Asielzoekers die geweigerd worden vanwege oorlogsmisdaden blijven gewoon in Nederland



  • Geweigerde asielzoekers vast in juridisch niemandsland

    jo1BhyD.jpg

    De meeste asielzoekers die een verblijfsvergunning is geweigerd omdat zij in eigen land oorlogsmisdaden pleegden, blijven gewoon in Nederland. Dat zeggen ambtenaren van de Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND) in de documentaire Het Kaf en het Koren, die op 10 april wordt uitgezonden.

    Sinds 1999 kregen 970 vermoedelijke oorlogsmisdadigers geen verblijfsvergunning. Het gaat bijvoorbeeld om migranten die hebben deelgenomen aan de gewapende strijd in Syrië of zich schuldig hebben gemaakt aan martelingen bij de veiligheidsdiensten in Irak of Afghanistan.

    Van die groep zijn er 110 sowieso nog in Nederland, bevestigt staatssecretaris Dijkhoff (Veiligheid en Justitie). Van het overgrote deel van de rest van die groep is officieel niet bekend waar zij zijn. Maar volgens de ambtenaren in de documentaire verblijven zij doorgaans illegaal in Nederland. ‘We merken dat de meesten de neiging hebben te blijven’, zegt een IND-ambtenaar van de Unit 1F, de afdeling die belast is met het onderzoek naar oorlogsmisdaden.

    De overheid kampt met het probleem dat bijvoorbeeld een Syriër die martelde onder het bewind van Assad of meevocht met IS, volgens internationaal recht niet kan worden uitgezet naar zijn thuisland omdat daar nog steeds een oorlog gaande is. Omdat die persoon vervolgens ook geen verblijfsvergunning krijgt, ontstaat een juridisch niemandsland waarin tegen de vreemdeling wordt gezegd dat die het land uit eigen beweging moet verlaten, maar dat niet kan worden afgedwongen.

    Het Kaf en het Koren
    De film Het Kaf en het Koren, die woensdag in een voorvertoning te zien was in Amsterdam, laat het werk zien van de IND-ambtenaren die moeten achterhalen of een asielzoeker mogelijk oorlogsmisdaden heeft gepleegd. In de meeste zaken blijkt dat niet te bewijzen. Asielzoekers die worden geconfronteerd met hun eigen Facebook-foto’s waarop ze in uniform poseren met een geweer om hun nek, beweren dat het desbetreffende wapen speelgoed is of dat ze het pak hadden geleend van een vriend voor een stoer plaatje. De onderzoeksmogelijkheden van de IND zijn beperkt en als er verder geen bewijs is, krijgt zo iemand gewoon een verblijfsvergunning.

    Een Syriër die in 2012 voor het leger van president Assad was gestationeerd op een basis bij de stad Homs, die toen werd platgebombardeerd, zegt in de film met droge ogen tegen de IND dat hij in die tijd alleen kanonnen heeft gepoetst en niets heeft gemerkt van aanslagen. ‘Hoe kon ik weten dat het oorlog was?’. Ook hij krijgt uiteindelijk een verblijfsvergunning.

    Verkeerde keuzes
    Staatssecretaris Dijkhoff zegt in een reactie op de film dat niet alle oorlogsmisdadigers die nog in Nederland verblijven ook een bedreiging vormen voor de veiligheid hier. ‘Daar moet je onderscheid in maken.’ Een IS-aanhanger zou in Europa nog een aanslag kunnen willen plegen, maar er zitten volgens Dijkhoff ook genoeg mensen bij die ‘in hun tijd verkeerde keuzes maakten’, door bijvoorbeeld een cruciale rol te vervullen in een gewelddadig regime, maar die nu niet meer gevaarlijk zijn.

    © Anneke Stoffelen | Volkskrant


Log in to reply