Het rode notitieboekje [Deel 1]


  • Admin

    6cPckta.jpg

    Het was een versleten notitieboekje. Ik weet eigenlijk niet zeker waarom ik het heb opgeraapt, het lag daar een beetje verloren op de pier. Ik dacht bijna dat het me aankeek toen ik van de ferry afkwam. Het zal ooit een fel rood boekje zijn geweest, maar de kleur is erg vervaagd door de elementen. Ik pakte het voorzichtig op, met de halve gedachte om het weg te gooien. Ik heb altijd moeite gehad met zwerfafval, of het nu van mij is of niet. Maar toen ik onderweg was naar de vuilnisbak, merkte ik dat er iets mis was. Want de kaft van het boekje was drijfnat, maar de pagina’s zelf leken droog te zijn.
    Ik maakte het boekje open, en ik zag pagina’s vol met krabbles. In het begin van het boek was het handschrift vast en sterk. Hoe verder ik bladerde, hoe onleesbaarder de krabbels werden, tot het einde. Twee worden, geschreven alsof ze geschreeuwd zijn, “STOP ME”.

    De eigenaar van dit boekje zou er misschien naar komen zoeken, en na het lezen van die laatste 2 woorden had ik geen zin die te ontmoeten. Stop me? Wat als de eigenaar een gebroken ziel is die zelfmoord gaat plegen? Of een andere misdaad? Wat nou als ik heel even door het boek heen lees, misschien kan ik de eigenaar dan wel redden.

    Het begon te regenen, ik keek omhoog naar de grijze lucht en zuchtte. Ik was er eigenlijk over aan het denken om naar het zuiden te gaan voor een avondje de stad in. Maar een nachtje de stad in moest even wachten, ik had een notitieboekje wat ik moest lezen.

    Twintig minuten later was ik thuis, in het kleine appartementje dat ik huurde. Ik lag op de bank, kopje thee erbij, lekker onder een dekentje. Ik opende het notitieboekje en begon te lezen:
    “Wat met het meeste ergert is de muziek,” begon het. “Er hangt van die rare etherische muziek in de lucht. Alleen, etherisch is niet echt het geschikte woord, want het is zo echt, bijna voelbaar. Maar niemand anders hoort het. Het omringt me, het klinkt als een woeste oproep van een trompet, maar het is geen trompet die het geluid maakt. Het is een snaar instrument, maar het klinkt meer opzwepend dan een snaar zou moeten doen. Dan is er weer de dreun van de drum. Het zijn geen aparte geluiden zoals in een orkest, het is allemaal gewoon 1. Ik kan, ik kan niet…”

    Toen waren er verschillende krassen over het papier, alsof de schrijver gefrustreerd was. Ik sloeg de pagina om en pauzeerde eventjes. Voor een moment, dacht ik eventjes iets te horen, een soort van muziek. Ik leg het boekje even neer en loop naar de keuken om mijn radio te controleren. Die stond uit, ik schud mijn hoofd en kijk even naar buiten. De lucht is van grauw naar bijna zwart gegaan. Het was veel harder gaan regenen, en ik was blij dat ik was thuisgebleven. Weinig zin om met dit weer buiten te zijn.
    Ik ga weer terug naar de woonkamer en nestel me weer in mijn dekentje op de bank, en begin weer te lezen.

    "Het is niet belangrijk, de muziek is maar een symptoom. Je moet dit weten!! De muziek is alleen maar het begin."
    Ik ging even anders zitten en liet een zucht. Ik begon een beetje te twijfelen of ik dit wel moest lezen. Maarja, ik was al begonnen, en had toch niks beters te doen.
    “Je moet ook uitkijken voor geel. Het is niet langer veilig na dit. Ik had haar gestopt en dacht dat het voorbij was. Maar het is alleen maar erger geworden. En nu, nu weet ik het en nu begrijp ik het” Hier stond een kleine krabbel in de marge, een grote cirkel met iets wat lijkt op kronkel lijntjes die uit de cirkel komen. Tentakels misschien? Er wees een pijltje naartoe, onder het pijltje stond: “Hij Roept”. Terwijl ik ernaar zat te kijken, weer op het randje van horen, die rare muziek. Het herinnerde me aan het geluid van een trompet, maar gespeeld met een viool…

    Ik ging rechtop zitten en keek rond. Mijn kleine woonkamer, met alleen de tv mijn bank en een luie stoel, was leeg en stil. Ik keek twijfelachtig naar notitieboekje. Dit ding begon me op mijn zenuwen te werken, ik zou gewoon moeten stoppen met lezen. Ik maakte een beweging om het weg te leggen, maar toch sloeg ik eerst de pagina nog even om. Ik zag dat het schrijven behoorlijk paniekerig was geworden en ik wist dat ik tegen het einde van het verhaaltje aan zat. "Ik kan nu niet stoppen. Ik wil het wel, maar kan het niet. Net als haar. De pier om middernacht op 20-09-2012"
    Mijn ogen werden groot van schrik, dat was vanavond!
    “Hij roept en hij roept en ik kan niet stoppen”. Er waren een paar witte pagina’s en toen de schreeuw: “STOP ME.”

    Wordt Vervolgd…


 

Het lijkt erop dat je verbinding naar KEEN verloren is gegaan, wacht even terwijl we de verbinding proberen te herstellen.